Nieuws
Column
Biesbosch gedichten
Biesboschgidsen aan het woord
|
Column
December: Biesbosch sneeuw en kou
door onze gids Rien Visser
Wat hadden die leraren uit Breda verleden jaar toch een geweldige ervaring!
Je kunt het drukke schooljaar afsluiten in een muffe lerarenkamer of in een bruin café. Maar dat haalt het niet bij een uitstapje naar de Biesbosch. Natuurlijk niet voor watjes!
Je trekt een warme muts over je oren. Je schiet in een paar stevige stappers. Je pakt niet je mooiste handschoenen. En dan op pad naar een landschap dat je niet snel zult vergeten.
De overtocht van Drimmelen naar de ‘echte’ Biesbosch is wat fris. Maar daar heb je op gerekend met je kleding. Je stapt aan wal op Jannezand. Eerst sta je eens vijf minuten stil en bén je stil.
Wat kun je de stilte goed horen! Op Jannezand ben je al behoorlijk ver van het dagelijkse lawaai om je een. En dat dikke pak sneeuw dempt de geluiden die nog overgebleven zijn. Een dichter zou over ‘een verstild landschap’ spreken. Maar dan waag je het toch om de eerste stappen te zetten. Je lijkt wel een ontdekkingsreiziger die de eerste voetstappen zet op een onbewoond eiland. Jouw voetstappen zijn de eerste afdrukken van een levend wezen.
En dan maar genieten van een prachtig besneeuwd landschap. De bladeren van de wilgen liggen allang op de grond. De kale takken hebben een nieuwe bekleding gekregen: sneeuw. Aan die takken zie je uit welke richting de sneeuw kwam. Sporen van dieren kom je ook tegen. Een vos heeft een muis gespot in een holle wilg. En aan de sporen te zien, heeft de muis het loodje gelegd.
De gids vertelt over de griendwerkers en rietsnijders die in deze omstandigheden moesten werken. Hij vertelt extra lang zodat je een klein beetje voelt hoe koud die mensen het soms hadden. Maar die kou is zo weer verdwenen als er een sneeuwballengevecht losbarst. Twee partijen, ieder aan een kant van een ka. Fris in je hoofd en fris aan je lijf stap je na een paar uur weer van boord in Drimmelen. Zij kunnen de kerstvakantie weer aan!
November: Overwinteraars
door onze gids Rien Visser
Je zult ze nu in de Biesbosch echt niet meer zien: de wegtrekkers en doortrekkers.
Maar niet getreurd, hun plaats is ingenomen door de overwinteraars. En wel in grote getale. Ik heb het over ganzen in allerlei soorten en maten. Je moet dat echt eens komen bekijken.
En ze zijn niet alleen te zien, maar ook te horen.
Vanuit het hoge noorden zijn ze naar warmere streken getrokken. Voor grote groepen kolganzen is de keus op de Biesbosch gevallen. In Groenland en het noorden van Rusland raakte het groen onder een dikke laag sneeuw bedekt. En dan maar op de vleugels naar het zuiden. Je ziet ze in een grote V luid gakkend overvliegen.
Kolganzen? Natuurlijk zijn er nog meer soorten. Hoe herken je ze? De kolgans heeft ergens een kol, vandaar zijn naam natuurlijk. Even een verrekijkertje erbij en je ziet de kol bovenaan zijn roze snavel. Op de foto herken je natuurlijk de boerenganzen, of nog onvriendelijker: de soepganzen. Maar kom een kijkje nemen naar de echte overwinteraars!
Vooral ‘s morgens als het licht wordt en ’s avonds tegen het donker zie je ze in grote groepen in de lucht. Geen mooie V, zoals op hun verre reizen, maar in een onordelijke groep. Ze maken wel veel geluid. ’s Nachts drijven ze met z’n allen op het water of staan te dutten in de buurt van het water. Veilig voor de vos of ander gevaar. Maar bij het eerste licht zoeken ze de weilanden op of een net gemaaid maïsveld. Die ganzen hebben het hier toch zo goed.
En wil je ze zien grazen? Kruip voorzichtig langs de dijk naar boven. Steek je hoofd even boven de dijk uit en dan...
De waker van de groep heeft je gezien en een wolk van ganzen is het gevolg. Je hart gaat er sneller van kloppen.
Niet voor iedereen, zoals je op de foto ziet. De Schotse hooglanders herkauwen rustig door en hebben geen last van dat gesnater.
Oktober: Weg- en doortrekkers
door onze gids Rien Visser met foto's van Kees Bolkenbaas
’t Gaat echt gebeuren. We willen het misschien wel niet. Al helemaal niet na zo’n warm einde van de maand september.
Maar de veranderingen zitten al in de lucht. We zijn op weg naar de herfst!
Ook in de Biesbosch zie je al de voortekenen. De balsemien raakt uitgebloeid. De eens zo rechte stelen zijn geknakt en hangen schots en scheef door elkaar. Het mooie is er af. Het wilgengroen verandert. Eerst in zachtgeel en dan belandt het blad tenslotte op de grond.
Misschien houd je niet van de herfst, dat doet te veel denken aan dooie dingen. Maar kom uit je luie stoel en trek er op uit. Er is genoeg te beleven. Alleen al die herfstluchtjes!
Helaas, je gaat echter wel iets moois missen. Je zult ze niet meer zien, die vlucht ranke witte vogels in de lucht. Zij kunnen helemaal niet tegen de Hollandse herfst en winter. Zij zijn al vertrokken naar warmere oorden. Wil je ze zien... dan moet je naar Mauritanië. We hebben het over de lepelaars (foto onder), dat zijn echte wegtrekkers. Jammer!
Ter herinnering nog een mooie foto van lepelaars gemaakt door Kees Bolkenbaas. Maar niet getreurd. Er zijn andere spannende vogels voor in de plaats gekomen. Wat dacht je van de visarend? Ook hij is op weg naar warmere streken. Onderweg doet hij toch altijd even de Biesbosch aan. Maar het is een doortrekker. En als je geluk hebt... dan zie je hem jagen op zijn geliefde kostje, een lekkere brasem. Maar zoals overal moet je hier ook het geluk afdwingen. Dus kom naar de Biesbosch en beproef je geluk.
En als het je lukt een visarend in ’t vizier te krijgen, dan kan je er de hele herfst en een stuk van de winter weer tegen. Kees Bolkenbaas was zo’n geluksvogel, want hij kon een plaatje schieten van een jagende visarend (foto boven). Maar er zijn nog zwermen vogels in aantocht...
September: De Biesbosche bollenvelden
door onze gids Rien Visser
Echt niet te geloven, ...wat een kleurenpracht!
Tussen de grienden en langs de oevers van de kreken is het roze en gebroken wit, wat de klok slaat.
Biesbosch kleuren? Dat is toch wilgengroen en paarse rietpluimen? Ook! Maar sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw is er toch ook de balsemien bij gekomen. Die zorgt voor dat mooie kleurenkleed.
Het verhaal gaat dat een luie vakantiehuisbezitter zijn tuintje kleur gaf met wat balsemien. Je hoeft maar weinig meer aan je tuin te doen, want hij verdrijft elke andere plant. Bovendien is de balsemien een echte springer. Knijp nu maar in de dikke zaden en de zaadjes springen één á twee meter ver weg. En zo veroverde de balsemien de Biesbosch.
Niet te hard overdrijven, want door een hoge waterstand werden er ook heel wat zaden verspreid. Nu zijn er grote delen van de Biesbosch bedekt met balsemien. Kom een kijkje nemen!
Wandel door de grienden van Jannezand of het Doolhof en je krijgt net zo´n ervaring als ik. Met wat fantasie waan je je achter de duinen in het voorjaar tussen de bollenvelden. Ik weet niet of tulpen, narcissen en hyacinten ruiken. Loop je door metershoge en kleinere balsemien dan hangt er een ...luchtje. Een echt balsemien luchtje. Bekijk met aandacht de bloem, een echte inkruiper.
Sommige bezoekers overdrijven door te zeggen dat de bloem wel op een orchidee lijkt. Maar ieder zijn eigen mening. Het beste is zelf te komen kijken en ruiken en je in een oer-balsemien-bos te wanen. Kijk dan ook even naar de bijen die in en uit gaan. Hun rug volgeladen met stuifmeel, want voor ze bij de nectar zijn, schuurt hun rug langs de meeldraden. Zo´n bloemrijke dag sluit je natuurlijk af met het kopen van een potje balsemien honing in het Biesboschcentrum Drimmelen. |
|
|


|